Advies doelgroepvermindering personen zonder recente duurzame werkervaring

advies op vraag
Vlaams minister van Economie, Innovatie, Werk, Sociale economie en Landbouw
Jo Brouns
Voorontwerp van decreet over de doelgroepvemindering voor personen zonder recente, duurzame werkervaring

De SERV is tevreden dat de Vlaamse regering snel gevolg geeft aan het engagement uit het werkgelegenheidsakkoord om de aanwervingsincentive voor langdurig werkzoekenden om te vormen naar een RSZ-korting en uit te breiden naar andere potentiële werknemers die minstens twee jaar niet actief waren op de arbeidsmarkt.

Deze RSZ-korting zal in een eerste fase vooral van toepassing zijn op langdurig werkzoekenden, de groep die al gekend is bij VDAB. De SERV vraagt naar een plan van aanpak voor identificatie van de ruimere doelgroep. Snelle verificatie over (het ontbreken van) recente, duurzame werkervaring is nodig. Dit moet zekerheid geven aan de werkgever over het feit of iemand het recht op deze doelgroepkorting opent.

De SERV onderstreept het belang van kwalitatieve maatregelen, zoals begeleiding en opleiding, met het oog op duurzame tewerkstelling. Een gedegen doelgroepenbeleid bestaat uit een tweeluik: een financiële incentive voor de werkgever én, op vrijwillige basis, jobcoaching van de betrokken persoon en, indien gewenst, diens werkgever. Het is belangrijk dat werknemers en werkgevers die gebruik kunnen maken van de RSZ-korting systematisch op de hoogte worden gebracht van dit aanbod en van de mogelijkheid (en vrije keuze) hier op in te tekenen.

De SERV blikt in dit advies al vooruit naar het ontwerpuitvoeringsbesluit. De SERV staat stil bij de definitie van (het ontbreken van) recente, duurzame tewerkstelling, het belang van coherentie tussen de RSZ-kortingen wat betreft de leeftijdsgrens en de bijzondere situatie van progressieve werkhervatting bij het stellen van voorwaarden. De SERV pleit voor een permanente monitoring én een externe evaluatie twee jaar na inwerkingtreding van deze maatregel. Tot slot moeten de doelgroepkorting én de jobcoaching goed in de markt worden gezet. Slimme, gerichte en heldere communicatie door VDAB aan werkgevers die hen informeert over het aanbod waar ze recht op hebben en hen attent maakt op de mogelijke bijdrage van begeleiding aan duurzame tewerkstelling, is aanbevelenswaardig om van beide maatregelen een succes te maken.